Lees hier mijn meest recente column.

 

Zijn we niet allemaal een beetje verslaafd?

Ken je dat, zo’n hete zomerdag? Zo’n dag waarop de warmte in het huis dringt en er maar niet uit wil.

Nou, op zo’n dag moet ik werken. Ik vind mezelf best zielig aangezien mijn vrouw en kinderen thuis heerlijk in het zwembad liggen. Maar ja, iemand moet dat zwembad betalen.

Ik werk die dag in de verslavingskliniek. De patiënten leren er te dealen met hun verslavingsgedrag.

Ik worstel me door de avonddienst, binnen is het 30 graden. Vraag me niet hoe, maar er weet zich een grote Mac Shake aardbeiensmaak in mijn brein te nestelen.

Terwijl de koude Shake in mijn hoofd nadrukkelijk aanwezig is, worden de patiënten steeds dwingender. ‘Het moet nu, het moet onmiddellijk, acute behoeftebevrediging en de ander is het altijd schuld’. Hoe zwaarder de avond wordt, hoe meer ik vind dat ik de shake verdien.

Inmiddels is in mijn gedachte de medewerker achter het schuifraampje van de Macdrive blij me te zien. Zelden heeft hij een grote Mac shake aardbeiensmaak voor iemand klaargemaakt die het zo verdiend heeft.

Het is al laat, het zal niet druk zijn. In mijn gedachte staat de Mac Donalds medewerker me inmiddels lachend op te wachten.

Aangekomen staat er een lange rij. Ik sluit achteraan en de praatpaal komt tergend langzaam dichterbij. Na 10 minuten mag ik eindelijk mijn bestelling doorgeven.

“Wat mag het zijn meneer?”

“Een grote Mc Shake aardbeiensmaak alstublieft.”

“Sorry, de milkshake machine is vandaag buiten werking.” Tuut, tuut, tuut, de verbinding wordt verbroken.

Wat? Ik kan het niet bevatten. Geen grote Mac Shake aardbeiensmaak. De brutaliteit. Wat denken ze wel. Ik heb recht op die shake. Ik moet hem nu hebben!  De machine buiten werking, dat is toch zeker niet mijn probleem!

Ik kijk om me heen of ik kan keren, maar dat is geen optie. Ik kan dus geen kant op en moet in de rij wachten. De boosheid begint behoorlijk op te lopen, en dat is absoluut de schuld van de ander.

Aangekomen bij het raampje wil ik doorrijden, maar het gaat toch open.

“Een Big Mac menu voor U meneer?”

Vanuit een primaire reactie ben ik mijn zelfbeheersing volledig kwijt. De medewerker probeert nog tegen te stribbelen terwijl ik hem door het schuifraampje naar buiten trek, de auto in. Hij kijkt me met angst in zijn ogen aan. Ik ruik het angstzweet dat mijn auto vult.

Ik schrik op wanneer de Mac Donalds medewerker het raampje met een harde klap dichttrekt, zich van geen kwaad bewust.

Ik kijk om me heen en scheur met piepende banden de Macdrive uit.

‘Het moet nu, het moet onmiddellijk, acute behoeftebevrediging en de ander is het altijd schuld’. Op weg naar huis vraag ik mij af, zijn we niet allemaal een beetje verslaafd?

 

 

Ken je dat, zo’n hete zomerdag? Zo’n dag waarop de warmte in het huis […]

lees verder